Lid worden

Fibromyalgie hoort niet tot de chronische aandoeningen die, zoals suikerziekte, een zwangerschap extra riskant maken. Zelfs een complicatie als bekkeninstabiliteit wordt niet in verband gebracht met FM. Voor zover bekend heb je daar met FM dus niet méér kans op. Wat wel bekend is, is dat FM-klachten tijdens de zwangerschap vaak verergeren.

Je kunt je daarom afvragen of je het aankunt; of jouw conditie het toelaat, nu en later. Want ook de verzorging van de baby en de peuter kan fysiek heel zwaar zijn als je FM hebt. Dat zijn allemaal punten van overweging. Maar al deze dingen zullen je waarschijnlijk niet weerhouden als je een sterke kinderwens hebt. Bovendien is het ook van belang of je hulp kunt inschakelen. En hoe handig en creatief je zelf hebt leren omgaan met je beperkingen.
 
 
Zet twee vrouwen met fibromyalgie naast elkaar en vraag naar hun klachten. Een aantal klachten zal overlappen, maar lang niet alle. Zo is het ook met zwangerschappen. Geen twee vrouwen zullen hun zwangerschap op dezelfde manier beleven en dezelfde klachten en kwaaltjes hebben. Daarom is het ook moeilijk om aan te geven welk effect het hebben van fibromyalgie op de klachten tijdens een zwangerschap heeft. Dat maakt het belang van wetenschappelijk onderzoek naar dit onderwerp groot. Tot nu toe zijn er alleen nog maar kleinschalige onderzoeken gedaan.
 
 

Literatuur

 
Er is zeer weinig medische literatuur over FM en zwangerschap. Hier wreekt zich weer het feit dat FM jarenlang niet serieus genomen is als een klinische aandoening. Onderzoek naar oorzaken en behandeling staat nog in de kinderschoenen. Geen wonder dat er dan ook nog geen onderzoek is gedaan naar hoe de ziekte zich onder speciale omstandigheden gedraagt. De Maastrichtse reumatologe Marijke van Santen-Hoeufft ging in 2001 op verzoek van FES op zoek naar literatuur over het onderwerp en vond toen alleen het boek van de Amerikaanse arts Mark J. Pellegrino The fibromyalgia survivor (nog verkrijgbaar bij Amazon.com). Pellegrino baseert zijn visie op wat hij tegenkomt in zijn praktijk. Volgens hem hoeven vrouwen met FM absoluut niet af te zien van kinderen, mits ze voldoende en op tijd rust nemen, er een gezonde leefstijl op na houden met voldoende beweging en, in overleg met de arts, het medicijngebruik terugbrengen of zelfs stoppen. Het zijn dezelfde adviezen die ook nu nog gangbaar zijn. Na Pellegrino is er niemand die over het onderwerp publiceert, constateert zij in 2001. Huisartsen noch vroedvrouwen, gynaecologen noch reumatologen, zien zwangerschap bij fibromyalgiepatiënten kennelijk als een probleem. Je zou bijna concluderen dat het dan ook geen probleem is, vindt ze. Maar ze merkt dat de praktijk weerbarstiger is. Daar zijn de verhalen van zwangere vrouwen met FM die het wel degelijk moeilijk hebben. Met name rugpijn komt naar voren als een veelgehoorde klacht. Overigens is rugpijn in de laatste fase van de zwangerschap een bekend verschijnsel, niet alleen bij vrouwen met FM. Hoe groter de baby wordt, hoe zwaarder je buik en je trekt je rugspieren aan om niet voorover te hangen. Die extra belasting kan voor rugpijn zorgen. Tegelijkertijd wordt het kraakbeen in rug en bekken weker naarmate de zwangerschap vordert. Het hele skelet wordt soepeler om de bevalling te vergemakkelijken. Maar het kan voor je rug een extra belasting betekenen. Ook dat geldt voor iedere aanstaande moeder.
 
 



Het laatste loodje

 
Het laatste loodje is het zwaarst voor iedereen, maar vooral voor FM-patiënten. Pellegrino constateert dit al. Ook hij noemt de rugklachten. Maar de eerste - en zo te zien tot nu toe de enige - die zwangere FM-patiënten onderzocht is Karen M. Scheafer (Temple University, Philadelphia, 2006). Haar onderzoek heeft ze gepresenteerd op een conferentie voor verloskundigen. Ze ziet het zelf als een eerste stap om bewijs te verzamelen over de invloed van fibromyalgie op zwangerschapsklachten. Scheafer hoopt door meer onderzoek een manier te vinden om deze invloed op de klachten te verminderen. Voor het onderzoek heeft ze zwangere vrouwen met én zonder fibromyalgie gevraagd mee te doen. De vrouwen waren allemaal tussen de 29 en 31 jaar en in de derde periode van hun zwangerschap. Allemaal hadden ze geen geschiedenis met miskramen en andere chronische ziekten dan fibromyalgie. De gebruikte vragenlijsten richtten zich op onderwerpen als vermoeidheid, depressie, pijn en functioneren. Een ander formulier werd gebruikt om zicht te krijgen op het aantal pijnlijke gebieden in het lichaam alsook zaken als leeftijd, huwelijkse staat, opleiding, aantal slaapuren en medicatiegebruik. Uit de resultaten kwam naar voren dat de zwangere vrouwen met fibromyalgie meer moeite hadden om te functioneren, zich stijver en vermoeider voelden. Ook ervoeren ze meer pijn in meer lichamelijke gebieden dan de vrouwen zonder fibromyalgie. Schaefer wil na deze eerste aanzet verder met onderzoek naar de invloed van fibromyalgie op zwangerschapsklachten. Hiervoor is ze haar studie aan het uitbreiden met een grotere controlegroep.
 
De uitkomst van het onderzoek van Schaefer komt overeen met een onderzoek dat in 1997 in Noorwegen is gedaan. Ook dit onderzoek bestond uit een (kleine) groep zwangere vrouwen. Deze groep van 44 vrouwen werd opgesplitst in twee groepen. Eén groep bestond uit 26 vrouwen die hun kinderen hadden gekregen terwijl ze fibromyalgie hadden. De overige 18 vrouwen hadden hun kinderen al gekregen voordat ze de klachten kregen. Met alle vrouwen werden interviews afgenomen. De conclusie van dit onderzoek was dat een groot aantal van de vrouwen met fibromyalgie een verhoging in hun pijnklachten ervoeren. Vooral de derde periode van de zwangerschap werd als zwaar ervaren omdat de klachten toen het meeste waren toegenomen. De meeste vrouwen uit deze studie hebben aangegeven tot drie maanden na de bevalling een verhoging van pijnklachten ervaren te hebben. Een positieve noot die in de uitkomst van dit onderzoek werd gegeven, was dat alle baby's gezond waren. Zo hadden ze een goed geboortegewicht en was de hele zwangerschap voldragen.
 
 

Conclusies onderzoeken

 
Hoewel de hier boven genoemde onderzoeken eigenlijk dezelfde uitkomsten hebben, zegt het nog niet zoveel. Het ging in beide gevallen om kleine groepen vrouwen. Om een goed gefundeerde wetenschappelijke uitspraak te kunnen doen over de invloed van fibromyalgie op klachten tijdens de zwangerschap, zal meer en omvangrijker onderzoek gedaan moeten worden. De conclusie die uit de eerdere (kleine) studies getrokken kan worden, is dat er voldoende grond lijkt te zijn voor verder wetenschappelijk onderzoek. Zolang dit onderzoek niet is gedaan zullen er verschillende meningen blijven bestaan over dit onderwerp. Niemand kan nu bewijzen dat hij/zij gelijk heeft.
 
 

Medisch gezien geen bezwaar.

 
Vanuit medisch perspectief is er geen sprake van een contra-indicatie of een buitengewoon medisch risico wanneer het gaat om fibromyalgie en zwangerschap. Fibromyalgie veroorzaakt geen onvruchtbaarheid of een verhoogd risico op een miskraam. Wel lijkt fibromyalgie een erfelijke component te hebben en zou de aandoening van moeder op kind kunnen overgaan, maar dit wordt niet beschouwd als een gevaarlijk medisch risico of als een reden om zwangerschap te vermijden.
 
Vrouwen die zwangerschap overwegen maken zich vooral zorgen over een mogelijke verslechtering van hun situatie tijdens en na de zwangerschap. In de praktijk blijkt dat vrouwen tijdens de zwangerschap en in de periode daarna meer klachten hebben. Moet een zwangerschap daarom echter worden afgeraden? Neen. De vrouwen bij wie fibromyalgie tijdens de zwangerschap ontstond of verslechterde vertellen allemaal dat de beloning, een prachtige baby, de pijn en het lijden zeker waard was.
 
 
Het is vooral belangrijk zoveel mogelijk kennis over zwangerschap te vergaren. Hoe meer iemand weet, des te beter kan zij eventuele extra pijn inschatten en verdragen tijdens de zwangerschap. Toch is de beslissing om zwanger te worden geen beslissing die zomaar even genomen moet worden. De toekomstige moeder moet met verschillende dingen rekening houden bij de beslissing een kind te krijgen.
 
Er kan al de nodige spanning in de relatie bestaan door fibromyalgie en die spanning kan oplopen wanneer er een kind komt. De aanstaande moeder moet weten welke hulp ze van haar partner en familieleden kan krijgen, zeker wanneer extra hulp nodig is vanwege fibromyalgie. Ook kunnen financiën een bron van zorg zijn. Zal de moeder in staat zijn te werken en voor de baby te zorgen? Deze en andere onderwerpen verdienen aandacht bij de beslissing over zwangerschap.
 
 

Erfelijkheid

 
Fibromyalgie is mogelijk erfelijk. Ook dr. Pellegrino houdt daar in 1995 al rekening mee. Maar men is er ook nog steeds niet in geslaagd om vast te stellen wat FM precies is. En als je niet zeker weet wat het is, kun je ook niet hard maken dat het erfelijk is. Bij gebrek aan beter definiëren we FM aan de hand van de symptomen: pijn in bindweefsel en spieren en chronische vermoeidheidsklachten. FM kan niet worden aangetoond in bloed of weefsel. We weten dat langdurige overbelasting een factor kan zijn bij het ontstaan van FM. Evenals een zekere gevoeligheid, zowel psychisch als lichamelijk. Misschien heeft de overdracht van pijnsignalen in de hersenen er iets mee te maken. Allemaal vrij vaag, maar in deze richting moet je denken als het gaat over erfelijke componenten. Maar dit zal je waarschijnlijk niet weerhouden als je een sterke kinderwens hebt.
 
 

Vruchtbaarheid

 
Fibromyalgie maakt niet minder vruchtbaar. Het verhoogt ook de kans op een miskraam niet. Het tast je vrouwelijke organen op geen enkele manier aan. Je kunt zwanger raken en een gezond kind baren. Maar de zwangerschap kan je zwaar vallen. Toch zeggen ondervraagde moeders, niet alleen de proefpersonen in het onderzoek van Karen Schaefer, maar ook de moeders in het FES-netwerk: het was het waard!
 
 

Zwangerschap en medicijnen.

 
Is de beslissing rond zwangerschap eenmaal genomen, dan is de volgende stap een kritische kijk naar medicijnen die worden gebruikt. Bespreek dit onderwerp met de begeleidende arts. Er zijn maar weinig medicijnen die helemaal veilig zijn tijdens de zwangerschap. Sommige medicijnen moeten worden stopgezet, sommige langzaam verminderd. In elk geval moeten de medicijnen volledig uit het lichaam zijn verdwenen voordat iemand probeert zwanger te worden. Ook het gebruik van vitamines of voedingssupplementen dient te worden besproken met de arts.
 
Helaas kan het stoppen van de medicatie lijden tot een toename van de pijn, vooral wanneer medicijnen een belangrijk onderdeel van de behandeling zijn. Maar in veel gevallen neemt de pijn na een aanvankelijke toename weer af. In deze periode kunnen andere manieren van pijnbestrijding worden toegepast, zoals een warm bad, ijspakkingen, kruiken of massage. De aanstaande moeder kan de volgende maatregelen nemen om te voorkomen dat de pijn erger wordt :
 
·         bewegen
·         niet roken (ook niet passief)
·         voldoende rusten
·         tijd voor zich zelf nemen.
 
 

Lichamelijke veranderingen.

 
De meeste vrouwen voelen zich tijdens de zwangerschap goed. Dit heeft te maken met de veranderde hormoonhuishouding van zwangere vrouwen. In het begin van de zwangerschap vinden er sneller veranderingen plaats in het hormoonsysteem. Die veranderingen zijn nodig om de baby in een uitgebalanceerde omgeving te laten groeien en om de moeder voor te bereiden op de geboorte. Ongeveer de helft van de zwangere vrouwen zou gedurende de eerste drie maanden van de zwangerschap minder pijn ervaren. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de verandering in hormonen leidt tot stemmingsverbetering en een verminderde gevoeligheid van de pijnreceptoren in de spieren.
 
Tijdens het tweede trimester van de zwangerschap neemt de belasting van het lichaam geleidelijk toe.
Naarmate de baby groeit, verschuift het zwaartepunt van het lichaam naar voren. De ruggengraat compenseert dit door een kromming. Daardoor moeten de rugspieren harder werken, hetgeen de kans op pijn verhoogt. De spieren raken sneller vermoeid. Onder invloed van hormonen wordt kraakbeen in de rug en in het bekken weker. Dat is noodzakelijk om het geboortekanaal geschikt te maken voor de bevalling. Dit weker worden van kraakbeen verandert echter de balans in de rug en leidt tot meer spanning in de rug. De meeste vrouwen met fibromyalgie melden tegen het einde van de zwangerschap toegenomen spierpijn, vooral onder in de rug. Het wordt steeds moeilijker een houding te vinden die niet pijnlijk is. Daarom geven bijvoorbeeld fysiotherapeuten ook aan dat het belangrijk is om vóór een zwangerschap over een goede fysieke basisconditie te beschikken. Het lichaam is dan beter in staat om veranderingen op te vangen en ervan te herstellen.
 
 



Tijdens en na de bevalling.

 
Voor vrouwen met fibromyalgie is een bevalling extra vermoeiend. Zij hebben meer tijd nodig om hiervan te herstellen. De geboorte van een kind veroorzaakt, zowel lichamelijk als emotioneel, spanning. Onder invloed van spanning kunnen de klachten toenemen. Daar komt nog bij dat in de periode na de geboorte de nachtrust van de moeder wordt gestoord door nachtelijke voedingen. Ook een gestoorde nachtrust is een bron van extra vermoeidheid en pijn. Hoe kan een jonge moeder het
risico op meer pijn verminderen ? Begin na de geboorte zo snel mogelijk weer met oefeningen en lichaamsbeweging. Begin bijvoorbeeld met twee keer per dag vijf minuten oefeningen te doen. Doe dit in de tweede week twee keer tien minuten en ga daarna door met vijftien minuten per dag.
Maak bovendien vanaf de tweede week een paar keer per week een korte wandeling en hervat zo snel mogelijk andere bewegingsactiviteiten. Een baby vraagt veel tijd, aandacht en inspanning van de jonge moeder. Het grootste gevaar dat daarbij dreigt is dat er onvoldoende tijd is voor rust. Rust, die onontbeerlijk is voor iedere fibromyalgie-patiënt. De jonge moeder moet ervoor zorgen dat zij voldoende rust krijgt, ook wanneer dat betekent dat anderen op bepaalde momenten de verzorging van de baby overnemen. Niet alleen rust is noodzakelijk, ook tijd voor jezelf blijft van groot belang. De stelregel daarbij is, ook voor jonge moeders, een uur per dag voor jezelf. Zeker in de eerste maanden na de bevalling kan zo’n moment gevonden worden wanneer de baby slaapt.
 
 

Herstel

 
Vrouwen die borstvoeding geven dienen meer alert op hun eigen herstel te zijn. Ze kunnen immers hun partner niet vragen om de voeding over te nemen en hebben hierdoor onderbroken nachten én kans op slaaptekort. Fysiek herstellen duurt nu eenmaal langer bij mensen met fibromyalgie. Daarom moeten vrouwen niet raar opkijken wanneer ze zich na vier maanden pas weer wat beter gaan voelen. Borstvoeding maakt de kans op een langer durend herstel groter. Borstvoeding is een onderwerp dat vaker in de literatuur voorkomt. Er wordt vooral genoemd dat het geven van borstvoeding fysiek zwaar kan zijn. Niet alleen de onderbroken nachten, maar ook het vasthouden van de baby kan voor pijnklachten zorgen. Dit kan weer leiden tot stress bij de moeder waardoor het geven van borstvoeding steeds meer spanning oproept. En spanning leidt vaak weer tot meer pijnklachten. Aangeraden wordt dan ook om van te voren goed na te denken over het geven van borstvoeding.
 
 

Opleving van klachten

 
Vaak zorgt een tweede zwangerschap voor de meeste problemen. Een zwangerschap is een trauma voor het (fibromyalgie) lichaam. Na een eerste zwangerschap herstelt het lichaam meestal wel van 'het trauma', maar het centrale zenuwstelsel slaat de ervaring wel op. Bij een tweede zwangerschap wordt dan ook gelijk de ervaring opgehaald uit het zenuwstelsel en ontstaat er een toename van de klachten. De tweede bevalling is dan ook de meest riskante. Zowel voor het ontwikkelen van fibromyalgie als voor het verergeren van reeds bestaande klachten.
 
 

Conclusie

 
Duidelijk wordt dat fibromyalgie en zwangerschap een bijzondere combinatie is. Toch lijkt het een zwangerschap niet in de weg te staan. Hoewel in de gehouden onderzoeken wel wordt gesproken over een toename van klachten, hebben de meeste vrouwen ook een aantal maanden waarin ze minder klachten ervaren. Misschien zou je zelfs kunnen zeggen dat de klachten er gewoon zijn, maar met duidelijke pieken en dalen tijdens de zwangerschap. Uitgebreid wetenschappelijk onderzoek is en blijft nodig om gefundeerde uitspraken te kunnen doen over het onderwerp. Het is in ieder geval positief te noemen dat er wel interesse in het onderwerp blijkt te zijn. Verder komt in alle stukken van de onderzoeken naar voren dat — op één na — de vrouwen geen spijt hebben van hun keuze om kinderen te krijgen.
 
 

Bron:


http://www.fesinfo.nl/kan_ik_een_zwangerschap_aan