Lid worden

Zaken die je moet weten voor je in het systeem van 'progressieve tewerkstelling' stapt.


1. Toelating van de adviserend geneesheren van de mutualiteit


Die toestemming moet je voorafgaandelijk en schriftelijk aanvragen bij de adviserend geneesheer van je ziekenfonds. In deze aanvraag beschrijf je de aard van de activiteit die je wil hervatten en je vermeldt de naam en het adres van de werkgever en het aantal dagen en uren dat je de activiteit wil uitvoeren. Het is aangeraden een recent medisch attest van je behandelende arts in te sluiten bij je aanvraag. Als de adviserend geneesheer je aanvraag goedkeurt, ontvang je een erkenning van gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, met de bijbehorende uitkering.

Om tegemoet te komen aan de wisselende mogelijkheden van bvb. FM en CVS-patiënten bestaat de mogelijkheid tot soepele uren. Hiervoor dient een detail van het werkrooster ter beschikking te zijn bij de werkgever.

De goedkeuring voor een gedeeltelijke werkhervatting moet gegeven zijn vóór het werk wordt hervat.

In de praktijk is het zo dat de regelgeving rond toegelaten arbeid door verschillende adviserend geneesheren anders geïnterpreteerd kan worden.

Let op! Ook voor vrijwilligerswerk dient men de toelating te verkrijgen van de adviserend geneesheer.
Ontvang je een werkloosheidsvergoeding? Ook dan dien je bij de RVA toelating te vragen tot het uitoefenen van vrijwilligerswerk.

Hoewel in de wetgeving geen maximale duur van tewerkstelling in het systeem van toegelaten arbeid is opgenomen, gaan sommige adviserend geneesheren wel van de veronderstelling uit dat iemand in dit systeem evolueert naar een voltijdse tewerkstelling.
Bovendien is het volgens heel wat adviserend geneesheren niet mogelijk om meer dan 50% te gaan werken omdat je dan als ‘arbeidsgeschikt’ beschouwd wordt en dus geen uitkering meer ontvangt. Ten gevolge van een bepaalde chronische ziekte of aandoening zijn sommige personen met een chronische ziekte niet meer in staat om voltijds te gaan werken maar kunnen nog wel meer dan halftijds gaan werken.

In de wetgeving wordt enkel gesteld dat je minstens 50 % fysische ongeschiktheidsgraad moet behouden. Iemand die bvb. 40u per week werkt kan perfect een toelating krijgen om 25u of meer per week te werken , zolang hij de graad van 50 % fysische ongeschiktheid behoudt.

Personen met een chronische ziekte moeten dus in het systeem van toegelaten arbeid ook de mogelijkheid hebben om bijvoorbeeld 20%, 65% of 70% te werken. De huidige wetgeving laat dit toe maar adviserend geneesheren interpreteren de wetgeving niet altijd op deze manier.
 

2. Administratieve verplichtingen voor de werknemer


Je werkgever moet natuurlijk ook akkoord gaan: is hij bereid om je deeltijds terug in dienst te nemen? Kunnen je taken gereorganiseerd of aangepast worden? Wat met het uurrooster? Concrete afspraken zijn belangrijk, maar het is niet nodig om een nieuwe arbeidsovereenkomst op te stellen.

Om een tegemoetkoming te ontvangen in het kader van toegelaten arbeid, moet je als werknemer iedere maand aan de mutualiteit je loongegevens doorgeven. Hiervoor moet je bij je werkgever een document ‘Inkomstenverklaring van een toegelaten activiteit’ laten invullen.
 

3. Temporele beperkingen voor zelfstandigen


Wanneer je als zelfstandige met een chronische ziekte terug aan de slag wil gaan via het systeem van toegelaten arbeid moet je je houden aan heel wat temporele beperkingen. Je mag 18 maanden werken in het stelsel van toegelaten arbeid wanneer je dezelfde activiteit uitoefent als voorheen. Wanneer je een andere activiteit uitoefent, mag je 12 maanden onder dit stelsel werken. Voor zelfstandigen met een chronische ziekte betekent dit automatisch dat zij terug voltijds moeten gaan werken hoewel zij hiertoe vaak niet meer in staat zijn. Dit impliceert vaak een stopzetting van hun activiteit als zelfstandige.

De zelfstandige kan, zonder de vereiste van reclassering (dus zonder beperking in tijd), de beroepsactiviteit hervatten die hij uitoefende vóór de aanvang van de arbeidsongeschiktheid :
•    Tijdens een tijdvak van invaliditeit : sedert 21/05/2007
•    Tijdens een periode van primaire ongeschiktheid : sedert 04/07/2011
 

4. Invloed op je belastingen


De bezoldiging en de ziekte-uitkering vormen binnen toegelaten arbeid het inkomen. Ook alle éénjaarlijkse premies zoals een eindejaarspremie, dubbel vakantiegeld, aandelen in de winst, dertiende maand enz. die betaald werden in de vier kwartalen vóór de aanvang van de toegelaten arbeid, maken deel uit van je beroepsinkomen en tellen dus mee. Elk deel op zich is onvoldoende groot voor een belastingsheffing, maar op het geheel van het inkomen ben je wel bedrijfsvoorheffing verschuldigd. Voor ziekte-uitkeringen moet er enkel maar bedrijfsvoorheffing betaald worden op primaire arbeidsongeschiktheidsuitkeringen (uitkering gedurende het eerste jaar van arbeidsongeschiktheid) en niet op invaliditeitsuitkeringen (uitkering vanaf het tweede jaar van arbeidsongeschiktheid). De bedrijfsvoorheffing mag niet tot gevolg hebben dat de primaire arbeidsongeschiktheidsuitkering lager is dan het bedrag van de minimumuitkering leefloon, maar bij toegelaten arbeid geldt deze beschermingsmaatregel niet. Dit kan een financiële opdoffer betekenen omdat je meer dan een jaar later geconfronteerd wordt met een hoge afrekening via de belastingsaanslag.
 

5. OMNIO-statuut en verhoogde kinderbijslag


Het OMNIO-statuut geeft recht op betere vergoeding van medische kosten (arts, tandarts, kinesitherapeut, apotheker, hospitalisatie, …) voor gezinnen met een laag inkomen. De persoonlijke bijdrage (remgeld) die je voor die prestaties betaalt, is dan lager. Wanneer je inkomen door tewerkstelling verhoogt, betekent dit ook het verlies van dit statuut. Hoewel de medische kosten vaak dezelfde blijven (ook al ga ja nu werken), verlies je toch de verhoogde tegemoetkomingen voor consultaties, medicatie, …die het OMNIO-statuut inhoudt.

Om verhoogde kinderbijslag te ontvangen moet je gedurende een ononderbroken periode van zes maanden een ziekte-uitkering ontvangen. Chronisch ziek zijn kan echter een proces zijn van een wisselende gezondheid wat betekent dat je slechts gedurende korte periodes kan werken. Van zodra je uit het systeem van toegelaten arbeid stapt, moet je opnieuw zes maanden wachten om terug recht te hebben op verhoogde kinderbijslag.

Tip: Vooraleer in te stappen in het systeem van toegelaten arbeid kan je best even door je mutualiteit laten berekenen wat je maandelijkse inkomsten zullen zijn. Houdt hierbij rekening dat het kan zijn dat je je OMNIO-statuut en/ verhoogde kinderbijslag verliest.
 

6. Werk geleidelijk afbouwen


Om in het systeem van toegelaten arbeid te kunnen stappen moet je vertrekken vanuit arbeidsongeschiktheid, je kan dus niet vanuit een werksituatie je werk geleidelijk afbouwen.

Tip: Voor mensen die nog aan de slag zijn, maar hun tewerkstelling willen afbouwen volstaat 1 dag arbeidsongeschiktheid om in te stappen in het systeem van toegelaten arbeid. Bespreek dit steeds met je adviserend geneesheer.
 

7. Een goed argument voor je werkgever


Werkgevers reageren niet altijd positief op het feit dat een bepaalde werknemer een chronische ziekte heeft, omdat hij denkt dat deze misschien vaak afwezig zal zijn. Voor je werkgever is het belangrijk te weten dat als je tewerkgesteld bent binnen het systeem van toegelaten arbeid, de werkgever geen gewaarborgd loon moet uitbetalen bij ziekte.

De betrokken persoon blijft het statuut van invalide behouden. Dit betekent dat hij/zij de voordelen van het invaliditeitsstatuut kan behouden en indien hij/zij opnieuw ziek wordt, worden de ziektedagen vergoed door de mutualiteit. Dit heeft voor de werkgever als voordeel dat hij enkel de effectief gepresteerde uren dient te betalen. De werkgever stuurt maandelijks een attest op naar het ziekenfonds waarop de gewerkte uren vermeld staan. De mutualiteit past de invaliditeitsvergoeding aan.

Vaak heb je ook recht op een tegemoetkoming in de loonkost - Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP). De VDAB betaalt in dat geval aan je werkgever ieder kwartaal tot maximum 60% van de loonkost terug. Ook zelfstandigen met een arbeidshandicap die voldoende inkomen hebben, krijgen een premie. De premie loopt vanaf het kwartaal van de aanvraag ervan.
Meer info vind je op www.vdab.be/arbeidshandicap/

Tip: Aarzel niet om alle aspecten van je tewerkstelling goed te bespreken met je werkgever. Bereid dit gesprek goed voor en beslis op voorhand wat je wel of niet wil vertellen over je ziekte.
 

8. Vakantiedagen verbonden aan het ontvangen van een uitkering


Het ziekenfonds vraagt in de loop van de maand december of je vakantiedagen al zijn opgenomen. Indien je vakantiedagen nog niet zijn opgenomen of je hiervan geen bewijs kan leveren, dan wordt de uitkering voor de maand december volledig ingehouden omdat het ziekenfonds ervan uitgaat dat je je resterende vakantiedagen alsnog tijdens de maand december zal opnemen. Als de betrokken persoon hier niet van op de hoogte gebracht werd, kan dit een onverwachte financiële tegenslag zijn.

Tip: Vergeet niet je vakantiedagen op te nemen en informeer je hierover bij je mutualiteit.
 

9. Eerst infomeren…


Het is belangrijk om steeds goed na te gaan welke de gevolgen (niet alleen financieel) zullen zijn van een bepaalde stap van of naar de arbeidsmarkt. Je mutualiteit kan je hierbij helpen.
Vergeet hierbij niet dat een uitkering van de mutualiteit bepaald wordt op basis van je laatste loon. Als je dus vrijwillig deeltijds gaat werken en je valt terug uit, zal je een lagere ziekte-uitkering ontvangen.

Tip: Voor elke stap die je zet van of naar de arbeidsmarkt is het belangrijk je eerst goed te informeren over wat de (financiële) gevolgen hiervan kunnen zijn, zodat deze kunnen meewegen in de beslissing die je zal nemen.
 

Besluit


Het systeem van toegelaten arbeid biedt mogelijkheden voor mensen die terug aan de slag willen na een periode van arbeidsongeschiktheid, maar voor wie voltijds werken nog niet of niet meer mogelijk is.

Hoewel er meer en meer aandacht wordt besteed aan werkgelegenheid voor mensen met een chronische ziekte, blijft het in de praktijk vaak bijzonder moeilijk om aan de slag te gaan of werk te behouden. Ook binnen het systeem van toegelaten arbeid zitten een aantal drempels verscholen. Het Vlaams Patiëntenplatform vzw zet zich in om de moeilijkheden in de praktijk in kaart te brengen en aan te kaarten bij het beleid. De studiegroep werk, een groep van vertegenwoordigers van patiëntenverenigingen lid van het Vlaams Patiëntenplatform vzw, bespreekt deze moeilijkheden en formuleert oplossingen naar het beleid toe.

Naast het systeem van toegelaten arbeid bestaan er nog andere mogelijkheden die de tewerkstelling van mensen met een chronische ziekte moeten bevorderen en vereenvoudigen.

Opgelet! Indien je het werk voltijds zou hernemen in een minder betaalde job en dan weer ziek wordt, dan wordt het lagere loon als basis voor de berekening van de uitkering genomen.
Teken daarom ook niet te snel een nieuwe arbeidsovereenkomst voor deeltijds werk. Je ziekte-uitkering zal immers in dat geval worden berekend op je lagere inkomsten.


Bron: Vlaams Paiëntenplatform